2097 TRICOT BLOUSE MET VLINDERMOUW 


Voordat u het patroon uit gaat printen, lees alstublieft het meest gestelde vragen hier: http://maatpatronen.nl/mod-p.php?reg=otvet

Zie een vierkant 10cm x 10cm die op de laatste bladzijde van elk patroon getekend - dat is om de schaal van uitgeprinte patroon te controleren. ADVIES: print eerst de laatste pagina uit om zeker te zijn of de printerinstellingen correct zijn.


STOFADVIES: natuurlijke of gemengde goed draperende gemiddeld of zeer rekbare tricot. 


JE HEBT VERDER NODIG: tricot biaisband van een passende kleur (lengte op het voorpand van het patroon aangebracht).


ALS DE PATROONDELEN DUBBELE RANDEN HEBBEN, ZIJN ALLE NADEN EN ZOMEN IN HET PATROON VERWERKT, 

IN GEVAL VAN ENKELE RANDEN ZIJN DE NADEN EN DE ZOMEN NIET INBEGREPEN.


NADEN EN ZOMEN: zoom - 2,0cm; naadtoeslag van de halsrand - 0,0cm; mouwzoon - 0,0cm; overige naden - 1,0cm.


LET OP! ALS EERSTE,PRINT DE PAPIEREN PATROONDELEN UIT EN LEG DEZE OP DE STOF (de stofbreedte tussen 90 cm en 150 cm)OM TE BEPALEN HOEVEEL STOF JE NODIG HEBT (vergeet dubbele en symmetrische delen niet).


BIJ HET AAN ELKAAR NAAIEN VAN DE DELEN LET OP DE INZETTEKENS - HOUD DE INZETTEKENS OP ELKAAR!


KNIPPEN:

Basisstof:

1. Voorpand – 1x aan de stofvouw

2. Achterpand - 1x aan de stofvouw

3. Voorpas – 2x

4. Voorpandbeleg – 2x 

5. Mouw - 2x


Advies: Gebruik voor het naaien van tricot stoffen
een speciaal stiksel voor elastische stoffen of smalle zigzag. Bij het locken de naden op   0,8 cm afsnijden. De zoom wordt met een tweelingnaald afgewerkt om de rekbaarheid van de stof te behouden.


WERKBESCHRIJVING:

1. De schoudernaden stikken, afwerken, naar achter toe strijken. 


2. De halsrand van heet achterpand en voorpas in een keer met tricot biaisband afbiezen.


3. Details van het voorpandbeleg met de goede kant aan elkaar leggen, langs de halsrand stikken; het beleg keren, persen. De buitenrand van binnenste deel van het beleg afwerken.


4. De bovenste rand van het voorpand tussen markering rimpelen - met de hand of gebruik een spatiale rimpelvoetje van je naaimachine. 

De buitenste deel van het voorpandbeleg aan het voorpand volgens markering stikken (rimpels netjes verdelen). De naadtoeslag naar het beleg toe strijken.


5. De voorpas aan het voorpand stikken (de naad van voorpas tussen binnenste en buitenste delen van het beleg leggen). De naadtoeslag afwerken, naar boven toe strijken. Binnenste deel van het voorpand beleg aan de aanzetnaad smal stikken.


6. De zijnaden stikken, afwerken, naar achter toe strijken.


7. De mouwnaad met rolzoom afwerken (of met tricot biaisband afbiezen). De mouwnaad stikken, afwerken, naar achter toe strijken. De mouw volgens markering aan de mouwgat zetten, de naadtoeslag afwerken.


8. De zoom afwerken, naar binnen ingeslagen doorstikken.