4112 JURK MET DECORATIEVE INZETSTUKKEN

 

STOFADVIES: natuurlijke of gemengde wijzig of gemiddeld rekbare tricotstof van drie passende of contrasterende kleuren.


 ALS DE PATROONDELEN DUBBELE RANDEN HEBBEN, ZIJN ALLE NADEN EN ZOMEN IN HET PATROON VERWERKT, 

IN GEVAL VAN ENKELE RANDEN ZIJN DE NADEN EN DE ZOMEN NIET INBEGREPEN.

 

NADEN EN ZOMEN: zoom - 2,0cm; halsrand en mouwgat - 1,5cm; overige naden – 1,0cm 


 LET OP! ALS EERSTE, PRINT DE PAPIEREN PATROONDELEN UIT EN LEG DEZE OP DE STOF (de stofbreedte tussen 90 cm en 150 cm)OM TE BEPALEN HOEVEEL STOF JE NODIG HEBT (vergeet je niet symmetrische patronen).

 BIJ HET AAN ELKAAR NAAIEN VAN DE DELEN LET OP DE INZETTEKENS - HOUD DE INZETTEKENS OP ELKAAR!


LET OP! Alle tekeningen op de goede kant aangebracht.

 KNIPPEN: 

STOF: 

1. voorpand -1x 

2. bovenvoorpand - 4x

3. middenondervoorpand - 1x

4. zijvoorpand links -1x

5. zijvoorpand rechts - 1x

6. bovenachterpand – 2x 

7. onderachterpand - 2x

8. inzet 1 - 1x

9. inzet 2 - 1x

10. inzet 3 - 1x


ADVIES:bij tricotstof te bewerken gebruik een dubbelhard of coverglookmachine.


WERKBESCHRIJVING:


1. Figuurnaden op de voorpand stikken, met overlookmashine afknippen, naar midden strijken.


2. Bovenvoorpand met de goede kant op elkaar leggen, langs halsrand stikken, keren, omstrijken.


3. De middenachternaad van boven- en onderachterhand stikken, afwerken, naar links strijken. De halsrand van achterpand afwerken, naar binnen omstrijken en doorstikken. Bovenvoorpand naar de verkeerde kant keren en tussen schoudernaad de schoudernaad van het achterpand leggen, stikken, keren, omstrijken.


4. Het boven- en onderachterpand aan elkaar stikken. De naad afwerken, naar beneden strijken.


5. Bovenvoorpand rechts aan het bovenvoorpand links volgens inzettekens leggen, afspelden en aan het voorpand stikken. De naad afwerken, naar beneden strijken.


6. Zijvoorpand links, zijvoorpand rechts, inzet 1, inzet 2 en inzet 3 aan het middenondervoorpand in juiste volhorde (zie tekening) stikken. De naden afwerken. Het voorpand en ondervoorpand stikken, de naad afwerken, naar beneden strijken.


7. De zijnaden stikken, afwerken, naar achter strijken.


8. De rand van de mouwgat afwerken, naar binnen omstrijken en doorstikken.


9. De zoom van de jurk afwerken, naar binnen omstrijken en doorstikken.