4135 JURK/TUNIEK MET EEN STRIK

 

STOFADVIES: natuurlijke of gemengde jurkstof van twee passende of contrasterende kleuren. 


JE HEBT VERDER NODIG: vliseline; satijnstof voor een strik.


ALS DE PATROONDELEN DUBBELE RANDEN HEBBEN, ZIJN ALLE NADEN EN ZOMEN IN HET PATROON VERWERKT, 

IN GEVAL VAN ENKELE RANDEN ZIJN DE NADEN EN DE ZOMEN NIET INBEGREPEN.


NADEN EN ZOMEN: zoom – 3,0cm; overige naden - 1,0cm.


LET OP! ALS EERSTE,PRINT DE PAPIEREN PATROONDELEN UIT EN LEG DEZE OP DE STOF (de stofbreedte tussen 90 cm en 150 cm)OM TE BEPALEN HOEVEEL STOF JE NODIG HEBT.

BIJ HET AAN ELKAAR NAAIEN VAN DE DELEN LET OP DE INZETTEKENS - HOUD DE INZETTEKENS OP ELKAAR!  


KNIPPEN:

Basisstof 1:

1. achterpand – 1x

2. voorpand - 1x aan de stofvouw

3. Voorpandbeleg - 1x

4. Achterpandbeleg - 1x


Basisstof 2:

1. onderachterpand – 1x

2. ondervoorpand - 1x 


Satijn:

1. strik – 1x


Vlieseline:

1. Voorpandbeleg - 1x

2. Achterpandbeleg - 1x 


Werkbeschrijving: 


1. Details met vlieseline verstevigen.


2. De coupenaden op het voorpand stikken, naar boven toe strijken. Langs de naad op de goede kant van de tuniek een decoratief stiksel maken (0.1 cm van de naad doorstikken).


3. De schouder- en zijnaden stikken, afwerken, naar achter strijken.


4. De schoudernaden van het voor- en achterpandbeleg stikken, openstrijken. De buitenrand afwerken. Verder als een detail bewerken. 


5. Het beleg en de blouse met de goede kant aan elkaar leggen, door de halsrand stikken. De rondingen en de hoekje van de naad netjes inknippen. Het beleg keren, omstrijken. Langs de halsrand op de goede kant van de tuniek een decoratief stiksel maken (1,0cm van de naad doorstikken). Het beleg aan de schoudernaden vastzetten.


6. De zijnaden van het ondervoor- en achtpand stikken, afwerken, naar achter strijken. Verder als een detail bewerken. Onderste deel van de jurk aan de bovenste stikken, de naad afwerken, naar boven omstrijken.


7. De zoom 1,0cm naar binnen omstrijken, daarna 2,0cm naar binnen omstrijken, doorstikken.


8. De strik met de goede kant naar binnen door de lengte vouwen, lands twee korte en een lange randen stikken (in de lange naad een opening vrij laten). De ceintuur keren, de opening met de hand blindstikken, omstrijken. De strik volgens markering aan het voorpand vastzetten en strikken.