4058 BLOUSE/TUNIEK
Voordat u het patroon uit gaat printen, lees alstublieft het meest gestelde vragen hier: http://maatpatronen.nl/mod-p.php?reg=otvet
Zie een vierkant 10cm x 10cm die op de laatste bladzijde van elk patroon getekend - dat is om de schaal van uitgeprinte patroon te controleren. ADVIES: print eerst de laatste pagina uit om zeker te zijn of de printerinstellingen correct zijn.
STOFADVIES: natuurlijke of gemengde blouse- overhemdstof, katoen, viscose.
JE HEBT VERDER NODIG: vlieseline; 9 knopen, sierband met kant.
ALS DE PATROONDELEN DUBBELE RANDEN HEBBEN, ZIJN ALLE NADEN EN ZOMEN IN HET PATROON VERWERKT,
IN GEVAL VAN ENKELE RANDEN ZIJN DE NADEN EN DE ZOMEN NIET INBEGREPEN.
NADEN EN ZOMEN: zoom – 1,5cm; overige naden - 1.0 cm.
LET OP! ALS EERSTE,PRINT DE PAPIEREN PATROONDELEN UIT EN LEG DEZE OP DE STOF (de stofbreedte tussen 90 cm en 150 cm)OM TE BEPALEN HOEVEEL STOF JE NODIG HEBT(vergeet dubbele en symmetrische delen niet).
BIJ HET AAN ELKAAR NAAIEN VAN DE DELEN LET OP DE INZETTEKENS - HOUD DE INZETTEKENS OP ELKAAR!
KNIPPEN:
Basisstof:
1. Bovenachterpand - 1x
2. Onderachterpand - 1x
3. Bovenvoorpand - 2x
4. Ondervoorpand - 2x
5. Sluitbies - 4x
6. Mouw - 2x
7. Kraag - 2x
8. Stander – 2x
9. Mouwreep – 4x
10. Manchet - 2x
Vlieseline:
1. Kraag - 1x
2. Stander - 1x
3. Sluitbies – 2x
4. Manchet – 2x
WERKBESCHRIJVING:
1. De delen met vlieseline verstevigen.
2. Onder- en bovenkraag met de goede kant op elkaar leggen. De zijranden en de buitenrand vastnaaien. De naden iets afknippen. De kraag keren, platstrijken. Delen van de staander met de goede kant op elkaar leggen, met de kraag ertussen. De inzettekens op elkaar houden. De naden stikken, tegelijk de zijranden van de staander vastnaaien. Het stikken begint en eindigt precies bij de aangegeven inzetnaad van de staander. De kraag keren en platstrijken.
3. Verticale plooien op het bovenvoorpand volgens markering vouwen, doorstikken, persen.
4. Coupe op het bovenvoorpand stikken, naar boven toe persen.
De plooien op het ondervoorpand volgens markering vouwen, afspelden of vastrijgen.
5. Bovenste naad van het onderachterpaand rimpelen - met de hand of gebruik een speciale rimpelvoetje van je naaimachine.
De zijnaden van bovenste en onderste delen stikken, afwerken, naar achter toe strijken.
Je sierband met kant en bovenste deel van de blouse met de goede kant aan elkaar op de taillelijn leggen, afspelden of vastrijgen. De bovenste en onderste deel van je blouse met sierband in een keer aan elkaar stikken 9rimpels van achterpand netjes verdelen).
6. De delen van de sluitbies met de goede kant op elkaar leggen, rondom de buitenrand stikken. De rondingen netjes inknippen, keren, omstrijken. De buitendeel van de sluitbies aan het voorpand stikken, de naden netjes inknippen en naar de sluitbies toe strijken. De naad van de buitendeel van de sluitbies 1,0cm naar binnen vouwen, aan de inzet naad smal stikken.
7. Schoudernaden stikken, de naden naar de rug toe strijken en afwerken.
8. Het buitendeel van de staander met de kraag in de halsrand naaien, de open rand van het binnendeel van de staander omvouwen en aan de aanzetnaad smal stikken. De kraag en de staander 0,1cm van de rand doorstikken.
9. De delen van de mouwreep met de goede kant aan elkaar leggen, buitenrand stikken. De hoekjes van de naadtoeslag nethes schuin afknippen. De mouwreep keren, persen, de korte kant afwerken; 0,1cm van de rand doorstikken. Een knoopsgat volgens markering maken. De lip op de verkeerde kant van de mouw volgens de markering vaststikken. Op dezelfde plek op de goede kant een knoop aanzetten.
10. Horizontale plooien op de mouw volgens markering vouwen, doorstikken, persen. De mouwnaad afzonderlijk afwerken. De mouwnaad vanaf de markering tot de bovenste rand stikken, openstrijken. De zoom van de mouwsplit 0.2cm van de rand doorstikken. De mouwkop rimpelen - met de hand of gebruik een speciale rimpelvoetje van je naaimachine.
De mouwen volgens de inzettekens inzetten (rimpels netjes verdelen), de naden strijken en afwerken.
11. Manchetdelen dubbelvouwen en de korte randen stikken. Bij het stikken beginnen en eindigen precies bij de inzetlijn van de manchet. De hoekjes netjes schuin afknippen. Manchetten keren en platstrijken. De onderkant van de mouw rimpelen - met de hand of gebruik een speciale rimpelvoetje van je naaimachine. Buitenkant van de manchet aan de mouw vastnaaien (rimpels netjes verdelen). Binnenkant van de manchet naar binnen vouwen en in de aanzetnaad smal stikken. Op de manchetten knoopsgaten maken en knopen aanzetten.
12. De zoomrand afwerken, naar binnen omstrijken en doorstikken.
13. Op het rechter voorpand knoopsgaten maken, op het linker voorpand knopen aanzetten.