4741 TRICOT JURK met COLKRAAG en zakjes


Voordat u het patroon uit gaat printen, lees alstublieft het meest gestelde vragen hier: http://maatpatronen.nl/mod-p.php?reg=otvet

Zie een vierkant 10cm x 10cm die op de laatste bladzijde van elk patroon getekend - dat is om de schaal van uitgeprinte patroon te controleren. ADVIES: print eerst de laatste pagina uit om zeker te zijn of de printerinstellingen correct zijn.


STOFADVIES: natuurlijke of gemengde gemiddeld of weinig rekbaar tricot stof. 


JE HEBT VERDER NODIG: vlieseline.


ALS DE PATROONDELEN DUBBELE RANDEN HEBBEN, ZIJN ALLE NADEN EN ZOMEN IN HET PATROON VERWERKT, 

IN GEVAL VAN ENKELE RANDEN ZIJN DE NADEN EN DE ZOMEN NIET INBEGREPEN.


NADEN EN ZOMEN: zoom & mouwzoom - 2,0cm; overige naden - 1,0cm.


LET OP! ALS EERSTE,PRINT DE PAPIEREN PATROONDELEN UIT EN LEG DEZE OP DE STOF (de stofbreedte tussen 90 cm en 150 cm)OM TE BEPALEN HOEVEEL STOF JE NODIG HEBT(vergeet dubbele en symmetrische delen niet).


BIJ HET AAN ELKAAR NAAIEN VAN DE DELEN LET OP DE INZETTEKENS - HOUD DE INZETTEKENS OP ELKAAR!



KNIPPEN:

Basisstof:

1. Bovenachterpand - 2x 

2. Onderachterpand - 2x 

3. Bovenvoorpand - 1x aan de stofvouw

4. Ondervoorpand - 1x aan de stofvouw

5. Kraag - 1x

6. Zijvoorpand – 2x

7. Zakdeel - 2x

8. Mouw - 2x




Advies: Gebruik voor het naaien van tricot stoffen een speciaal stiksel voor elastische stoffen van smalle zigzag. Bij het locken de naden op   0.8 cm afsnijden. De zoom wordt met een tweelingnaald afgewerkt om de rekbaarheid van de stof te behouden.  


WERKBESCHRIJVING:


1. De middenachternaad van het boven- en onderachterpand stikken, afwerken, naar links strijken. Het boven- en onderachterpand aan elkaar stikken, de naad afwerken, naar boven toe strijken.


2. De coupenaden op het boven voorpand stikken, de naden met de overlokmachine afknippen en afwerken, naar benden strijken.


3. De zakingang op het ondervoorpand met een strook van de vliseline verstevigen.

De zaakdeel en de ondervoorpand met de goede kant op elkaar leggen en de zakingang stikken. De zaakdeel naar binnen keren, omstrijken. Het ondervoorpand met de verkeerde kant op de goede kant van de zaakdeel leggen. De buitenrand op de verkeerde kant van de zaak stikken, afwerken. De zij- en bovennaad  van de zak op de zij- en bovennaad van het ondervoorpand afspelden of vastrijgen. Verder als een detail bewerken.


4. Schoudernaden stikken, de naden naar de rug toe strijken en afwerken. 


5. De korte naden van de kraag stikken, openstrijken. De kraag met de goede kant naar buiten door de lengte dubbel vouwen en volgens markering aan de halsrand van de trui stikken (de naad van de kraag bevindt zich bij de linker schoudernaad). De naad afwerken.


6. De mouw in de open mouwgat volgens markering zetten, de naad afwerken, omstrijken.


7. De zijnaad in een keer met de mouwnaad stikken, afwerken, naar achter toe strijken.


8. De zoom en de mouwzoom afwerken, naar binnen strijken, doorstikken.